Spring naar content

Mag mijn kind met ‘neusverkoudheid’ naar de opvang?

Breda16

Kinderen van 4 tot en met 8 jaar blijven thuis en laten zich testen wanneer zij verkoudheidsklachten hebben.

Kinderen van 0 jaar tot en met 4 jaar met verkoudheidsklachten (loopneus, neusverkoudheid, niezen en/of keelpijn) of bekende hooikoortsklachten mogen naar de kinderopvang komen, behalve;

  • als je kind andere klachten heeft die passen bij COVID-19 zoals: koorts (38 graden Celsius en hoger), benauwdheid, meer dan incidenteel hoesten, plotseling verlies van reuk en/of smaak;
  • als je kind een huisgenoot is van een patiënt met een bevestigde COVID-19 infectie;
  • als er iemand in het huishouden van je kind is die naast (milde) corona klachten ook koorts (38 graden en hoger) en/of benauwdheid heeft en er is nog geen negatieve testuitslag.
  • als je kind in de afgelopen 10 dagen nauw contact heeft gehad met iemand buiten het huishouden van het kind met bevestigde corona.
    Kinderen met reguliere infectieziekten als bijvoorbeeld de waterpokken zijn in principe welkom; we overleggen in dit geval altijd met ouders. Zijn er verkoudheidsklachten bij of heeft je kind koorts, dan moet je kind thuisblijven.
  • Als je kind chronische verkoudheidsklachten, hooikoorts of astma heeft en dit een herkenbaar beeld is, kan je kind na overleg tussen ouder en kindcentrum naar de opvang. Bij twijfel of wanneer de klachten veranderen, moet je kind thuisblijven tot de nieuwe klachten voorbij zijn of het bekende klachtenpatroon is teruggekeerd. Het RIVM heeft een handreiking opgesteld en de lokale GGD kan advies geven in specifieke situaties, zie https://lci.rivm.nl/langdurig-neusverkouden-kinderen

In de beslisboom vind je een overzichtelijke, schematische weergave van de regels van het RIVM. Het RIVM heeft de beslisboom gecontroleerd en goedgekeurd.